Dag 6 Troisvierges – Zemmer
Na randje Luxemburg gisteren even uitslapen. Toch vroeg wakker, maar blijf wat langer op bed liggen en we doen een relatief korte etappe. Dus Eerst ontbijten, en dan terug naar Duitsland.
Bij vertrek blijkt de voorderailleur van Francien niet meer te werken. Via een fietsverhuur in Troisvierges worden we naar Wemperhardt gestuurd, maar die fietsenmaker is helaas nét op donderdag gesloten.
De volgende fietsenmaker in de buurt zit in Vielsalm, maar dat is precies de andere kant op dan het hotel voor vanavond dat al was geboekt. Aangezien de ketting op het binnenblad ligt en klimmen dus gewoon kan besluiten we verder te gaan en morgen in Trier, waar meer fietsenmakers zitten, te kijken naar het euvel. Niet fijn maar we komen vooruit.
We rijden verder en komen snel België in wat, klassiek, te merken is aan het wegdek. Vanaf Ouren rijden we via een pittige klim Duitsland in. Het blijft niet bij één zware; in totaal drie stuks met lange stukken boven de 10% krijgen we voor onze kiezen. Gelukkig ligt ketting bij Francien in elk geval op het binnenblad.

Bovenaan de laatste van de drie zien we het verschil tussen de Eifel en Ardennen. Althans voor mij zit het erin dat de Eifel veel uitgestrekter lijkt. We kunnen ver kijken en met de blauwe lucht van vandaag is het helemaal genieten.
Maar wie omhoog gaat, mag ook omlaag. We duiken naar beneden en komen na een bos aan bij feriendorp Neuerburg. Dat merken we aan de Hollanders die op het terras zitten en ons bedienen. Jammer maar de taart smaakt er niet minder op. Hoewel we eigenlijk wel op Kaffee und Kuchen van de bakker hadden gehoopt.

Na de stop rijden we de Enz vallei in. Fietspad langs de grote weg leidt ons soms de velden in en soms rijden we weer op de grote weg. Stukje in de route zonder hoogtemeters, sterker nog, dieptemeters want het gaat vals plat omlaag: lekker met de zware benen van gisteren.
Bij het dorpje Enzen gaan we vanuit zuidoostelijke richting naar het oosten, de vallei uit. Dat betekent wel weer klimmen, maar de eerste twee klimmetjes zijn liefelijk. De eerste vooral omdat deze lekker loopt. De tweede doet dat ook maar is gewoonweg prachtig. Zit echt te genieten. Zie de weg voor me langzaam omhoog lopen en heb vele uitzichten. Man, wat heb ik dit gemist afgelopen maanden.


Boven gekomen is het uiteraard afdalen want we moeten de Nims nog over. Niet dat ik daar eerder van gehoord had maar zag het water al op mijn kaartje. Daarna omhoog, maar bij Messerich hebben we ruzie met de route. We denken slimmer te zijn dan ons uitgetekende plan van gisteren waardoor we drie keer door het dorp dwalen om de doorgaande weg over te steken.
Hierna volgt nog een klim en vallen we in de zelfde valkuil als net. Nu willen we snijden om niet over de drukkere hoofdweg te moeten met als gevolg een vervelend om stukje onverhard en tot overmaat van ramp is het stuk verhard dat daarna volgt onder constructie. Men zegt ook niet voor niets van snijden komt huilen.

Vanaf Sülm, zoals dit dorp heet, dalen we af en we gaan de bossen in. Na de prachtige beboste afdaling volgt een fietspad door de bossen, langs het stroompje de Kyll en een spoorbaan naar Auw An Der Kyll. Als er dan ook nog een trein voorbij komt voel ik me een jongetje dat met de Fleischmann treintjes speelt. Prachtig.


Vanaf hier rest een pittige klim naar onze zimmer in Zemmer. Geen peulenschil maar de gedachte aan de Biergarten die het hotel heeft werkt als lap op een stier.

