Nadat ik me weer op de fiets heb gehesen rijd ik een stukje terug naar Grude. Hier zijn 24-uurs tankstations en hoop ik ontbijt te vinden. Uiteraard weet ik dat ik niet te veel moet verwachten, maar ze hebben nóg minder dan verwacht, wat een slechte start is. Ik rijd door en gok erop in Mostar mijn slag te slaan.


Dan zie ik in Široki Brijeg een bakkerij die al open is. Er zitten drie jongens te eten en ik ga er ook naar binnen. Ze helpen me de bakkersvrouw uitleggen dat ik geen vlees op mijn broodje wil en wenken me bij hen te gaan zitten. Er volgt een moeilijk gesprek in de zin van taalbarrière, waarin ik moet uitleggen wat ik aan het doen ben. Het is gezellig met ze en op het moment dat ik wil afrekenen mag dat absoluut niet. “If you come all the way to Bosnia by bike, we’ll show you Bosnian hospitality”. Ik wil ze niet gaan uitleggen dat ik dit eigenlijk niet mag aannemen binnen de regels van de race dus besluit er vrede mee te hebben. Ze zijn er immers ook helemaal niet op uit om me op die manier te helpen. Ik wilde eigenlijk nog bijbestellen voor onderweg maar dat durf ik nu niet aan. Dat doe ik dan wel in Mostar. Deze ontmoeting geeft me meteen goede zin en fluitend kom ik aan in Mostar waar ik brood bij koop alvorens ik de bergen in ga.

Te beginnen met een prachtige klim naar Kokorina. Het eerste stuk hiervan is zwaar, maar doordat je snel hoogte maakt is er meteen uitzicht op het dal. Het tweede deel vlakt af en is winderig. Iets minder boeiend en mentaal taaier dan het moeilijkere eerste deel. Het is alweer warm geworden en dus vul ik meteen water bij in het dorpje op de top. Hierna volgt een afdaling naar Nevesinje en vanaf daar blijf ik een lang stuk op een plateau dat op ongeveer 850 meter ligt.


Er volgt een prachtige weg naar Gacko door een nationaal park. In Gacko is het wederom inslaan, want hier gaat een steile klim naar de grens met Montenegro volgen. Het is een illegale grensovergang, maar ik heb een applicatie gedaan voor een permit. Ondanks dat ik deze nooit heb ontvangen, ga ik ervoor. Het is steil en lang en er lopen koeien in de weg, maar ik kom boven. Gelukkig heb ik dit stuk route goed bestudeerd en weet ik dat de routebouwer me liever over het stuk gravel stuurt dan het asfalt, maar ik weet beter en fiets om een gravel stuk heen. Zo kom ik illegaal in Montenegro, waar mag ik afdalen naar checkpoint 3.





Hier zitten Dennis, Max en Aiden te eten en ik besluit aan te schuiven voor een goede maaltijd. Deze zal nodig zijn, want het verplichte parcours is zwaar en heeft geen voorzieningen. Van de vier op het checkpoint was ik als laatste weg, maar Aiden heb ik in de eerste kilometers van het parcours al te pakken.




De route volgt de panoramaweg naar Durmitor. Misschien wel het mooiste stuk van de gehele TCR. Allereerst rijd ik door de rotsen met uitzicht op het blauwe stuwmeer waar CP3 aan ligt, eenmaal op hoogte volgt een soort van grassig steppe landschap met vergezichten, en dan volgt Durmitor, wat een fantastische berg is. Ik kan iedereen aanraden hier naartoe te gaan. Op het eind van het parcours is het afdalen naar Žabljak, een ski-oord met supermarkt om inkopen te doen voor de nacht.

Daar zitten Max en Dennis al een broodje te eten, dus ik vergezel ze wederom en ben wederom als laatst van de drie weg. Het parcours ligt achter me, maar de bergen ben ik nog niet uit. Ik besluit in Servië een hotel te boeken en toch nog wat meters te maken. Het laatste stuk door Montenegro blijft mooi en ik baal wanneer het donker word rondom Pljevlja.

Vanaf hier is het klimmen naar de Servische grens. Helaas is deze weg pikkedonker en zijn er wegwerkzaamheden, waardoor het eigenlijk een gravelpad is geworden. Niet erg prettig en ik moet geconcentreerd blijven. Hierdoor kan ik me niet drukmaken over de ontbrekende stempel in mijn paspoort en sta ik een half uur later zorgeloos bij de douane. Die kijken nauwelijks naar de stempels en ik kan probleemloos verder met de stempel van Servië op zak. Nu is het afdalen naar Prijepolje, maar dat is allesbehalve fijn. Het is koud geworden en met duizenden kuilen in de weg ga ik wat verkrampt omlaag. Het lijkt uren te duren, en ik ben blij als ik in de bewoonde wereld ben en mijn hotel kan opzoeken.

GeoTdF over dit deel van de route:
De route boog vandaag af naar het oosten, waarbij ik over steeds hogere gesteenteplakken reed die in de afgelopen 130 miljoen jaar afgeschraapt zijn van Groot Adrië. Uiteindelijk kwam ik in de hoogste eenheden terecht: 170 miljoen jaar oude oceaankorst die ooit tussen Adrië en Europa lag en waar Adrië lange tijd ondergeduwd is, de zogenaamde Sava oceaan. Na een hele dag klimmen was ik op 5 km oceaandiepte aangekomen.