Van Pyramide naar Pyramide

Utrecht – Franse Grens – Pyramide van Waterloo – Pyramide van Austerliz

Een enorm lange rit in de kerstvakantie, dat leek me wel wat. Vanuit huis had ik al een aantal rondjes getekend, maar als je dan toch vakantie hebt en er de mogelijkheid is om van A naar B te fietsen is dat mooier. De vraag is dan alleen waarheen. Mijn oog was op Berlijn gevallen, maar toen Joris me vroeg mee naar Parijs te fietsen was die keuze snel gemaakt. Wel op voorwaarde dat ik de route mocht tekenen, want ik was al eens naar de lichtstad gefietst en wilde niet hetzelfde doen. Daarbij vond ik het fijn om voor een lange winterse rit gezelschap te hebben. Uiteindelijk haakte Piet, voor mij onbekend, nog aan, en Joris last minute af.

Omdat de woensdag van de vakantie de mooiste dag van de week leek te gaan worden, stond ik op die dag om 09:30, de afgesproken tijd bij Piet voor de deur, om een half uur later met koffie en goede moed in mijn lichaam naar Parijs te fietsen.

We fietsen via de Domtoren en Ledig Erf in een nog droge omgeving weg. Al in Nieuwegein staan we stil met een lekke band, wat zeker niet de laatste zal zijn. Shit happens, maar grotere zorgen maak ik me over de regen die gaat vallen. Net over de Lek begint dit al, om pas uren later in Brabant te stoppen. Ik ben er goed op gekleed, maar weet niet of ik 24 uur warm kan blijven in mijn huidige kloffie. Deze eerste bui overleef ik in elk geval.

Nu het droog is, is het is uitkijken naar de grens en mooie paadjes die ik niet ken. Helaas heb ik de route zo strak mogelijk gehouden om rond de 500 km uit te komen, wat betekent lange stukken langs N-wegen om meters te maken. Maar dat lukt door windkracht 5 op ons gezicht maar slecht.

We hebben dus eindeloos de tijd om te genieten van lintbebouwing, N-wegen en de alom geroemde Belgische architectuur.
Op de N-wegen is het vooral stoepje (ook voor de fietsers) op en af. Dit leidt in Antwerpen tot lekke band nummer twee. Wederom shit happens: plakken en door.

Tussen Antwerpen en tot we de Rupel over gaan verandert het aanzien slechts in twee opzichten. 1: we hebben een nog drukkere en lelijker stuk weg te pakken. 2: het is donker geworden.

Gelukkig worden de wegen hierna rustiger, maar ook opener. Dat betekent minder beschutting voor de regen, maar vooral ook minder beschutting tegen de wind. We rijden zo’n beetje de hele dag al pal tegen de wind in en mogen blij zijn als we 20 km per uur afleggen.

Gelukkig is er tijd voor bezinning, want het is tijd om lekke band nummer drie te plakken. Waar Piet met twee nul voorstond kom ik hiermee genadeloos terug in de game. Gelukkig vinden we een plek waar we al schuilend voor de regen orde op zaken kunnen stellen.

We rijden verder tegen de regen en wind in. Ik blijf lekker warm en heb er geen moeite mee, maar Piet realiseert zich meer en meer dat het een eindeloze zit wordt en vraagt zich af of hij Parijs wel gaat halen op deze manier.

Ik denk er even over na, want ik hou er niet van om iets niet af te maken, maar ik begrijp ook dat als we eenmaal in Noord Frankrijk zitten, we weinig andere opties hebben dan doorgaan en dus voor de grens een call moeten maken. Ik verzin een plan B.
Ik wilde altijd al eens van de pyramide van Austerlitz naar die van Waterloo fietsen in één rit. Dat is niet al te ver van waar we nu zijn, plus ik had deze route voor de vakantie al eens getekend. We besluiten tot de Franse grens door te fietsen, daar de wind de rug toe te keren, en dan via Waterloo naar Austerlitz terug te fietsen.

Kort na dit besluit maar nog voor de Franse grens wordt dit plan kracht bij gezet nadat we in een kuil met alle vier onze banden stootlek rijden. Nieuw record? Shit happens? In elk geval balen, want we hebben nog maar precies vier binnenbrandjes. Mocht er nog twijfel zijn over ons nieuwe plan dan is die hiermee weggenomen, want in het uitgestorven Noord Frankrijk verwachten we geen nieuwe voorraad te kunnen verkrijgen.

Na een heerlijke plaksessie rijden we zeer behoedzaam verder over de slechte wegen van Henegouwen. We tikken Frankrijk aan en gaan genieten van de wind mee.

Vanaf de Franse grens is het een dikke 50 km naar de Leeuw van Waterloo. Met de wind pal mee zijn dit de snelste kilometers van de tocht. Om onze snelheid mentaal ook bij te kunnen houden pauzeren we kort in La Louvière voor espresso, en niet veel later staan we voor de Leeuw. In het donker slechts een schim, maar wel een indrukwekkende.

Vanaf hier laden we onze nieuwe route in en lijkt de terugweg definitief begonnen. Lijkt, want even is het spannend of Piet de tocht wel uit kan fietsen als hij bij een rotonde zijn ketting breekt. Gelukkig heb ik een missing link mee en weten we het euvel op te lossen. Kraken deden onze fietsen toch al, het extra gekraak wat dit oplevert nemen we voor lief.

We rijden verder en kunnen tot nabij Leuven genieten van alle ruimte op de wegen. Hierna begint de ochtendspits op gang te komen en zijn we weer veroordeeld tot de slechte en vieze fietspaden. Opletten dus, want een nieuwe lekke band zal geen pretje worden.

De ochtendspits is op gang en niet heel veel later wordt het licht. Dit zorgt voor nieuwe energie, maar doordat we steeds beter weten waar we zijn sluipt het er ook in dat we gaan aftellen. Eerst naar de Nederlandse grens, daarna gaan we over thuis nadenken. Niet handig, want Utrecht is nog ver en je komt er alleen maar door te trappen.

Trappend door druilerige dorpjes valt er weinig te zien, dus zoeken we op een andere manier afleiding. We groeten medefietsers, hebben gesprekken over trainingen, maar zijn soms ook in gedachten bij de pijntjes die nu steeds meer naar voren komen.

Al trappend komen we bij het pontje naar Wijk bij Duurstede, waar het bordje Utrecht 24 km staat. Helaas “moeten” we met ommetje naar huis, want de pyramide van Austerlitz moet nog worden bezocht.

Door de stromende regen is het hier net zo druk als midden in de nacht in Waterloo. We nemen een foto en hiermee is de cirkel rond.

Plaats een reactie