21 juli – Quintanar de la Orden – Valladolid – 362 km
Om de hitte voor te blijven start ik alweer om half zes. Een korte nacht, maar ik denk dat het beter is om in de hitte wat extra rust te pakken ipv wanneer de temperatuur aangenaam is.
Ik rijd het dorp uit en begeef me op lange wegen waar weinig te beleven valt. Lege dorpen in een dor landschap. De route gaat met een boog om Madrid heen via Toledo.
Tot La Guardia blijf ik op een hoogvlakte en is er niets. Ik heb wel behoefte aan ontbijt, nu het koel is kan ik eten binnenhouden en daar wil ik gebruik van maken. Ik zie een bar en besluit daar te ontbijten en kom Alex (Armstrong) tegen die hetzelfde doet.



Na La Guardia verlaat ik de hoogvlakte. Via een lange afdaling kom ik in een soort spaghettiwestern landschap terecht en ben eindelijk aan het genieten van de omgeving. Door de hitte heb ik daar nog nauwelijks van kunnen proeven.
Helaas is dit landschap eindig, althans, omdat ik bij Bargas op een parallelweg van een snelweg kom is de idylle alweer ver te zoeken. Voordeel is wel dat ik op een goede weg zit die direct is en met genoeg tankstations voor resupply en ijs in mijn nek.
Bij tankstations kom ik Alex diverse keren tegen en is het stuivertje wisselen op dit deel van het parcours. Ik rijd van tankstation naar tankstation, of beter gezegd van ijszak naar ijszak. Het is minder heet dan gisteren maar verkoeling blijft nodig.
Escalona is het punt waar ik de bergen weer in ga. Twee kleine pieken om vervolgens boven de 1400 meter te eindigen in de Valle de Iruelas. De eerste twee bergen zijn door bebost gebied met wat schaduw. De derde en langste klim begint vanaf een stuwmeer. Net hiervoor vind ik nog een tankstation waar ik me kan opfrissen. De tankstationmedewerkster biedt me zelfs een douche aan, maar een ijszak vind ik voldoende. Dan de klim over een kale berg met op de top prachtig uitzicht over het gebied, gevolgd door een snelle afdaling naar vestingstad Ávila.


In Ávila wil ik wat eten, maar ik ben te vroeg voor de barretjes die eten serveren, en dus besluit ik door te gaan naar Valladolid. Wat, op een kort klimmetje na, een vals platte route omlaag oplevert. Alleen door het niemandsland, maar dat eten moest nog wel gebeuren, want reepjes krijg ik nog steeds niet weg in de hitte.
In Arévalo vind ik gelukkig een bar waar ik een groot stuk tortilla weet te bemachtigen. Genoeg om me nog wat uren op weg te helpen. Dat is nodig want de weg naar Valladolid is nog lang.
Allereerst een lange N-weg met mooie en minder mooie stukken. Zo zie ik een zonsondergang tussen de zonnebloemvelden maar ruik ik ook smerige industrie.
30 kilometer voor de stad mag ik niet meer op de N-weg rijden en ben ik gedwongen van de weg af te gaan. Helaas op een gravel pad dat steeds slechter wordt. Ik besluit de route opnieuw te maken, maar kom er niet uit. Het is of gravel, of de N-weg, waar ik niet mag rijden. Het is dus geen of, maar een moetje om toch een lang stuk gravel te pakken. Gelukkig is het nog niet niet helemaal donker. Door het omleggen van de route maak ik flink wat extra kilometers, maar uiteindelijk beland ik in Valladolid.




Nu hoopte ik hier voor middernacht te zijn en nog wat eten in te slaan. Helaas ben ik door het gravel avontuur nét tien minuten te laat voor de openingstijden en zijn alle winkels en bars dicht. Mijn laatste strohalm is de McDonalds 500 meter van mijn hotel. Nog nooit heb ik deze keten bezocht bij een race, en nu ik het toch doe, blijkt dat ze in Spanje geen vegaburgers hebben.
Mijn aller- allerlaatste hoop is dat ze bij de Ibis nog wat hebben, maar daar staat alleen een rij met mensen die laat inchecken en een dame die op d’r elfendertigste papieren aan het invullen is. Pas een half uur na aankomst in het hotel lig ik daadwerkelijk in bed.
To be continued. Prachtig relaas weer!
LikeLike