Via Race – Etappe 4

DAG 4 Pianoro – Brixen 341 km – 1277 hm

Rond vijf uur gaat de wekker, na een kleine drie uur plat is het tijd om te gaan. Ik raap mijn spullen bij elkaar en daarna mag ik een half doorweekt pak stappen. Een deels nat fietspak zit niet echt lekker, en het is ook nog eens moeilijker aan te krijgen. Beneden in de lobby is al activiteit en het blijkt dat ontbijt inbegrepen zat. In dat geval maak ik er snel gebruik van. Er zitten allemaal mannetjes in de ontbijtzaal die me vreemd aankijken en gezien ik de tijd heb genomen koffie te drinken leg ik de mensen van het hotel uit wat ik aan het doen ben. Dit gaat als een lopend vuurtje door de ontbijtzaal en wanneer ik wegga wenst iedereen me succes. Hoe je in minder dan tien minuten, een ontbijt wegschrokkend, vrienden kunt maken. 

Langer dan die tien minuten wilde ik ook niet blijven zitten, want ik weet dat ik door Bologna moet, en ik wil dit voor de ochtendspits doen. Dat lukt; het eerste deel de stad in staan de verkeerslichten nog op de knipperstand en over de busbaan rijd ik snel door de stad heen. De tweede helft van deze stad rijd ik tegen het verkeer in, als in: ik ga de stad uit terwijl de grote meute de stad in rijdt. Heel veel later had ik deze stad niet moeten timen, want wanneer ik de stad uit rijd is de spits in volle gang. 

Wanneer ik Bologna uit ben blijkt dat ik toch niet helemaal ontsnapt ben aan de drukte. De Povlakte heb ik inmiddels al in meerdere races moeten doorkruisen, dus ik heb mijn best gedaan een autoluwe route te vinden, maar kennelijk ontkom je toch niet volledig aan auto’s zonder al te grote ommetjes. Na Bologna vind ik mezelf dan ook op een drukke N-weg naar Verona. Deze weg is zo druk, dat ik na een paar km besluit eraf te gaan. Er is amper ruimte voor twee vrachtwagens die elkaar tegenmoet komen, laat staan dat er ruimte is als het verkeer een fietser moet inhalen. Na een paar hele spannende kilometers haal ik in Tavernelle Emilia diep adem, ga van de weg af, en zig-zag langs de velden verder, parallel aan de drukke weg. 

Tot Crevalcore moet ik mijn weg een beetje zoeken, en soms rijd ik door gebrek aan opties één of twee kilometer lang weer  op de doorgaande weg, maar vanaf daar heb ik een lang rustig fietspad langs het spoor. Zo had ik het me voorgesteld.  Ik begon al bijna aan mijn route-maak-skills te twijfelen, maar doorgaande wegen mijden en een snelle route hebben is nu eenmaal iets dat helaas vaak niet samen gaat. 

Op het fietspad kom ik weer tot rust. Ik zie aan de ene kant de Apennijnen kleiner worden en aan de andere kant de Alpen opdoemen. Ik heb eindelijk eens een lang stuk wind mee en er zit schot in de zaak. Op het fietspad kom ik af en toe wat recreanten tegen. In Poggio Rusco maak ik een korte stop. Allereerst pin ik, want afgelopen nacht moest ik het hotel cash betalen, en daarna vul ik mijn bidons en maag bij een bar. Hier kom ik erachter dat Super Mario echt uit Italië komt, want zijn opa zit hier rustig de krant te lezen. 

Na deze korte stop kom ik dichterbij de Po. Dit merk ik aan het aantal muggen en insecten. Luca had me voor deze race al gewaarschuwd: ga nooit buiten slapen in een omtrek van vijftien kilometer van de Po want je wordt lek gestoken. Welja, ik hoef nog lang niet te slapen, maar terwijl ik hieraan denk doemt de Po op. Over een lange brug ga ik de rivier over en hierna komen de Alpen visueel met elke kilometer dichterbij. De grijze bergen krijgen steeds meer vorm.

Dan wordt het langzaam weer druk, maar nu omdat ik Verona door moet. De route loopt dwars door de stad, want ergens in deze grote plaats kan ik een fietsroute langs een kanaal oppikken. Het stukje door de stad is niet heel fijn, maar na een lang, saai stuk langs de spoorweg en wat kale akkervelden wel leuk om weer even wat anders te zien. Mensen kijken bijvoorbeeld. 

Na wat gezigzagd te hebben door de stad kom ik dan eindelijk op de route langs het kanaal. Misschien is het beter om dit een aquaduct te noemen, want het ligt een stuk hoger dan de rivier Adige. Hierdoor zijn er af en toe uitzichten met de rivier beneden en de bergen op de achtergrond te zien. Verder zijn er veel racefietsers in groepjes actief en ook het nodige aantal bikepackers kom ik tegen. 

De kanaalweg is helaas niet onafgebroken; er zijn de nodige stoepjes, en wegen die kruisen. Ik ben bang om stootlek te rijden en doe heel voorzichtig. Toch weet ik het niet te voorkomen en moet ik mijn bandje verwisselen. Dit duurt niet lang, en het is ook nog eens bij een bar, dus na het vervangen van mijn binnenband kan ik me even opfrissen op het toilet, mijn bidons aftoppen en ik neem een broodje tonijn voor on the go. 

De wind is nog steeds gunstig en ik begeef me op de fietsroute naar Trento. Hier moet ik goed opletten; de fietspaden slingeren soms ongunstig en onnodig lang door het dal, waar de doorgaande weg, die helemaal niet druk is op dit moment van de dag, stukken directer is. Soms een beetje gokken wat beter is. fietspad of weg, maar een echt foute keuze kan ik niet maken. Ik probeer voor de snelste opties te gaan. Zo zigzag ik door de wijnvelden en vind ik mijn weg, omringd door bergen, door het dal. Langs de Adige is het vlak en hoe dichter ik bij de stad kom hoe meer bikepackers ik tegenkom. 

In Trento had ik volgens mij betere routekeuzes kunnen maken, maar het is zaak om boodschappen te doen. Ik maak dus maar handig gebruik van de route door de stad en doe mijn boodschappen. Ik wil genoeg hebben om door te kunnen trekken naar de Lakes And Knödel refuge bij Innsbruck, want met de meewind lukt dit misschien. Ik laad mijn tassen en musette vol en daarbovenop heeft deze supermarkt ook nog een werkende fietspomp voor de deur staan waarmee ik mijn half zachte bandje kan verwennen. 

Trento uit rijd ik tegen de spits in, wat een beetje ophoudt. Het is daardoor een beetje geklooi, maar na niet al te lange tijd bereik ik het fietspad naar Bolzano. Nog steeds wind mee, dus ik kan lekker door. Relatief vlak langs de rivier, goed wegdek, bergen om mee heen, fietsers die ik kan begroeten. Het schiet op en ik ben in mijn sas. Ik word er optimistisch van en begin te geloven dat Innsbruck haalbaar is deze nacht. 

In Bolzano zijn talloze fietspaden, groepjes avondfietsers doen hun rondjes en ik knal de stad door, volgens mij zonder een stoplicht gezien te hebben. Hierna is het gedaan met de vlakte en gaat de weg wat omhoog. Nergens steil maar doordat het donker wordt en het fietspad gaat slingeren, overigens door fantastische rotspartijen, neemt de progressie af. Ik merk dit en begin te rekenen of ik Innsbruck nog wel ga halen. Het kan wel, maar het zal rond vijf uur in de ochtend worden. Zo lang door de nacht lijkt me niet slim en ik besluit te kijken wat de mogelijkheden tot overnachting zijn in de bergen. Helaas zijn er geen hotels die de hele nacht open zijn, dus ik moet gaan kiezen tussen òf vroeg slapen in Brixen òf de nacht doortrekken. Beide opties passen niet in mijn plan, maar het lijkt me verstandiger om te kiezen voor zekerheid en lange termijn.

Het is tegen tienen en dat is een moment dat veel hotels stoppen met inchecken. Op Booking zie ik een hotel op een paar kilometer afstand. Ik bel ze met de vraag of ze nog plek hebben en dat kan. Ik check in, en ben doordat ik eerder deze dag heb kunnen pinnen plus cash kan betalen en door het belletje, goedkoper uit dan via de booking website. Veel vroeger dan gepland heb ik een veel te luxe kamer voor twee à drie uur tot mijn beschikking. Slapen en morgen vroeg verder. 

Plaats een reactie