Via Race – Etappe 4

Dag 4 – Uddevalla – Åmdals Verk

De vierde dag begint en ik geniet pas nu van een eerste zonsopkomst. In Amerongen was de zon al op bij vertrek, zo ook in Duitsland, en gisteren in Denemarken was het grijs. Vandaag heb ik dit moment te pakken, een van de magische momenten die je meemaakt als je de hele dag op de fiets zit. De zon glinstert over het water en tussen de bomen door als ik Uddevalla om half vier verlaat.

Gisteren lag ik er eerder in dan gepland, dus ik ben ook eerder opgestaan om me aan het slaapschema te houden dat voor mij werkt. In de vroegte is het nog koud en er hangt dauw in het landschap. De wegen zijn leeg en na Munkedal is het een recht stuk door de bossen en langs meren richting Noorwegen. Er gebeurt weinig, maar op dit tijdstip van de dag is afleiding niet echt nodig. Net voor de Noorse grens duiken er weer TCR renners op, maar dat is ook het enige leven dat er op dit stuk te bekennen is. Mensen die ik uiteraard begroet en succes wens, of ze weten dat ik ook een race aan het doen ben is maar de vraag.

Na de grens te hebben gepasseerd gaat de route nog een stukje verder door dezelfde bossen over glooiende heuvels, tot Halden opduikt. Ik doe snel inkopen bij de Rema 1000 en leer hier het fenomeen Lefsa kennen. De brandstof waar ik uiteindelijk heel Noorwegen mee zal doorkruisen. Het is een soort kruising tussen een durumrol en een crêpe gevuld met boter, kaneel en suiker. Je krijgt er geen vette handen van, het is perfecte brandstof en vult de maag. Het enige nadeel is de omvang, ze passen niet heel handig in je achterzakjes, dus ik rijd vooral rond met een aantal verpakkingen in mijn musette.

Na de inkopen rijd ik naar Fredriksten Festning, gate twee. Als vierde kom ik hier aan en George, één van de fotografen, schiet, terwijl ik naar het checkpoint rijd, plaatjes van me. Ik laad de nieuwe route en verdwijn weer. Noorwegen in, op naar de ferry bij Moss.

Het zuidelijke deel van Noorwegen is nog redelijk bevolkt. Het is heuvelachtig met weilanden en een aantal grotere plaatsen zoals Sarpsborg. Hier kom ik bij een imposante brug. De snelweg tussen Göteborg en Oslo hangt meters boven de rivier Glomma, hieronder hangt een betonnen fietsbrug die best nog wel steil is. Ik wil het filmen, maar moet serieus bijschakelen. 

📸 1 & 2 George Cherry

Iets later haal ik een wielerenner van een jaar of zeventig in die zich in mijn wiel nestelt. Hij is misschien in de zeventig, en door de vermoeidheid voel ik me bij tijd en wijlen ook net zeventig. Al kan dat niet helemaal waar zijn, want op het eerste beste klimmetje moet de beste man lossen. 

Na Sarpsborg check ik de tijden voor de ferry, maar overdag gaat deze aan de lopende band, dus ik besluit mijn eigen tempo aan te houden en niet te stressen. Ik zie wel dat Gert Jan wat dichterbij lijkt te komen, dus hoop wel minimaal een boot voor hem te zitten. Dichter bij de ferry zie ik een stroom auto’s van de boot af komen en hierdoor ga ik toch nog even pushen. Het resultaat is dat ik als eerste de ferry op mag rijden, me kan nestelen op het dek, en een dutje kan doen terwijl mijn apparatuur wordt opgeladen.

Ik schrik wakker als we in Horten aankomen. Het dek is al bijna leeg en ik haast me naar mijn fiets. Niets aan de hand; er was nog tijd genoeg, maar door mijn dutje stap ik een beetje beduusd weer op de fiets. Ik heb wat moeite om van de ferry terminal af te komen, maar als ik weer aan het fietsen ben, voel ik me goed. 

De volgende stop is Larvik, dit is nog kilometers van de boot door een bevolkt gebied over een drukke weg. Het schiet op, maar ik krijg wel een paar buien over me heen. In Larvik maak ik een kleine detour, hier kan ik namelijk mijn geheime wapen ophalen. In de voorbereiding van deze race ben ik lid geworden van DNT, de Noorse trekking organisatie. Als lid kun je een sleutel kopen die je toegang geeft tot hun trekkershutten die door het hele land staan. Lid ben ik online geworden, de sleutel moet je helaas persoonlijk ophalen bij een kantoortje. Vier kilometer omrijden voor toegang tot diverse warme slaapgelegenheden is een no brainer. Het lid worden en uitzoeken hiervan was enig gedoe en om die reden denk ik de enige in de race te zijn met deze optie. Het kantoortje is net zo stoffig als de website en de kneuterigheid is heerlijk. Ik reken 100 NOK af bij een oud vrouwtje en voel me koning te rijk. Hoe het zich gaat uitpakken weet ik nog niet, maar het is alsof ik in Zelda zit en een password heb unlocked.

Na Larvik heb ik nog een klus, namelijk boodschappen doen én een plan maken voor de nacht. Boodschappen doe ik in Porsgrunn, de laatste grote plaats voor ik niemandsland in ga. Zo laat mogelijk een volledige resupply is mijn strategie. Bij de Kiwi hier maak ik een plan voor de nacht. Het gaat waaien en onguur worden en DNT-cabins of hotels zijn er niet in dit gebied. Na wat zoeken vind ik wel een cabin met een sleutelkastje en verzeker ik me van een warme slaapplek. Het heeft wat tijd gekost, maar deze investering is voor de lange termijn.

Met volledige resupply en slaapplek ga ik de grote leegte in. Het is hier heuvelachtig, groen met af en toe meren. In het begin is er nog redelijk wat verkeer, maar ook dit neemt af. Pas na veertig kilometer zal ik een eerste dorpje zien. Het wordt leger en leger en de avond valt. Ik volg de zuidelijke route van Lucas, en Gert Jan en Harry hebben een noordelijkere route gekozen. Welke beter is weet ik niet, want ik heb lang stil gestaan, maar daar waar de routes samenkomen, zit Gert Jan weer voor me en ook Harry lijkt dichterbij te zijn gekomen. Het is nog te ver om conclusies te trekken, maar op dit moment lijkt Lucas te ver weg en zijn Gert Jan, Harry en ik in de strijd voor plek vier. 

Hoe dan ook, eerst deze dag maar afronden. Rond Vråvatn, het meertje waar de routes samen komen, trekt een stevige wind op. Het is koud en het is stoempen in het donker. Op de tracker lijk ik weer in te lopen op Gert Jan, maar mijn accommodatie voor vannacht komt ook dichterbij. Åmdals Verk, een gehucht van niets, heeft precies genoeg voorzieningen voor mij. Terwijl de wind nog eens aantrekt en langs de ramen suist, ga ik slapen. Ik kijk nog een keer op de tracker en vermoed dat mijn concurrenten vannacht buiten in de wind moeten slapen.

Plaats een reactie